Mensen verschillen, hoera, hoera. Er zijn er die zich van niemand iets aantrekken, er zijn er die zich alles aantrekken, en er zijn er die zich aantrekken wat anderen van hen denken (da's een beetje een logische reflex). Ik heb dat wat van me afgeworpen. Ik probeer, doe, vinden anderen dat uitlachmateriaal, of hebben ze commentaar, is dat hun probleem.

Het is gemakkelijker dan je denkt, om die denkwijze aan te houden, je moet ze gewoon bewaken. Het is ook gemakkelijker om ze aan te leren, toch simpeler dan het continu aanpassen aan de mening van anderen. Ik verklaar me nader.

Om te beginnen stel je je de waarom vraag. En dat is niet 'waarom zou ik het doen' maar wel 'waarom zou ik het niet doen.' Is het antwoord: de mening van anderen, dan is er niets dat je kan tegenhouden.

En toen volgde een theoriestukje.

Even voorstellen. Het hoofdpersonage, Lies. De rest, NV de Collega's. Nu kunnen we beginnen.

Lies wil iets doen, iets gek, ze wil dingen ophangen, op het werk, in het keukentje, om wat sfeer te brengen. Ze durft niet, want bij NV de Collega's staan ze niet zo open voor nieuwe zaken, en wat als ze Lies dan wat zouden mijden, of erger nog, beginnen uitlachen, en het belachelijk vinden? Ze doet het toch! Flinke Lies! Met wat rare opmerkingen als gevolg. Van enkelen. Anderen vinden het leuk. Maar ze focust op de rare opmerkingen (één ervan kwam van een van haar topcollega’s), en besluit om het toch maar niet meer te doen.

Wat Lies doet, is haar gedrag aanpassen. Ze wil iets, maar doet het niet. Er zijn vier fases. De wens, de actie, de reactie en de gedragswijziging

  • Wens: Lies wil dingen ophangen
  • Actie: Lies hangt dingen op
  • Reactie: Topcollega geeft er een opmerking over, Lies trekt het zich aan
  • Gedragswijziging: Lies hangt geen dingen meer op.

In de hele flow zijn er 3 dingen die in Lies haar karakter liggen (Wens, Actie en het zich aantrekken van de Reactie), en 1 wat niet in haar karakter ligt (Geen dingen meer ophangen)

’s Avonds gaat Lies op stap met vrienden. (waarbij de vrienden nu NV de Collega’s vertegenwoordigen). Ze praten, het is gezellig, Lies is zichzelf en maakt flauwe mopjes. Achteraf krijgt ze van haar beste vriendin te horen dat ze die flauwe mopjes beter niet zou maken. Want dat die wel eens vreemd zouden kunnen overkomen bij NV de Collega’s.

Dezelfde fases dienen zich aan.

  • Wens: Lies wil flauwe mopjes maken
  • Actie: Lies maakt flauwe mopjes
  • Reactie: Haar beste vriendin raadt aan om geen flauwe mopjes meer te maken. Lies trekt zich dat aan
  • Gedragswijziging: Lies maakt geen flauwe mopjes meer.

Opnieuw hetzelfde: 3 dingen liggen in haar karakter, 1 niet (dezelfde als in het vorige voorbeeld).

Ik begon de situaties wiskundig te bekijken. Simpele optelsom. Mijn conclusie. Mathematisch blijft alles hetzelfde. Lies zal nog steeds 3 dingen doen die binnen haar karakter liggen, en 1 dat erbuiten ligt. Maar er verschuift wel iets. De gedragswijziging verschuift, van fase 4 naar fase 3. In voorbeeld 1 geeft dat deze uitkomst:

  • Wens: Lies wil dingen ophangen
  • Actie: Lies hangt dingen op
  • Reactie: Topcollega geeft een rare opmerking. Lies trekt zich dat aan, maar bedenkt zich dat de externe factor er niet voor mag zorgen dat ze dingen doet of laat die ze zelf niet wil, en focust op de positieve reacties (en gaat er vanuit dat degene die niet reageren het ook niet erg vinden)
  • Gevolg: Lies hangt nog dingen op, als ze daar zin in heeft.

Voor voorbeeld twee geldt hetzelfde

  • Wens: Lies wil flauwe mopjes maken
  • Actie: Lies maakt flauwe mopjes
  • Reactie: De beste vriendin raadt aan om geen flauwe mopjes te maken. Lies trekt zich dat aan, maar bedenkt zich dat de andere 5 vriendinnen daar geen opmerkingen over hebben
  • Gevolg: Lies maakt nog steeds flauwe mopjes

Conclusie: 3 dingen die ‘Lies’ zijn, 1 dat niet ‘Lies’ is. Uiteindelijk blijft Lies in de laatste fase trouw aan zichzelf. Én kan ze zich focussen op 1 gedragswijziging die steeds terugkomt (het ‘omdenken’). Waar er daarvoor meerdere gedragswijzigingen waren (‘niets meer ophangen’, ’geen flauwe mopjes meer’). De energie die ze nu stopt in de omdenken-gedragswijziging heeft op termijn meer resultaat dan het zich blijven aanpassen aan de mening van anderen, die ze belangrijk acht, maar die haar niet zichzelf laten zijn. En die draaien wel bij (hopelijk, maar da’s het risico dat je neemt. En als ze je willen kweken, zijn ze het dan wel waard om je gedrag te wijzigen?).

Lees ook andere schrijfsels

Nieuwe posts of verhalen ontvangen? Laat je email-adres achter.